Mol of mollen in gras sportveld, voorkomen en bestrijden

Mollen in gras sportvelden zijn vervelend én risicovol (oneffenheden, blessuregevaar). Om mollen in gras sportvelden te bestrijden of te voorkomen, is een goede analyse van het probleem en de oorzaak noodzakelijk. Op basis daarvan kunt u een gericht plan opstellen.
Hieronder algemene kennis over de mol, praktisch en verantwoord stappenplan, afgestemd op sportveldbeheer in Nederland.
Weetje: Mollen zijn nuttig omdat ze de bodem gezond houden en schadelijke insecten opruimen, ook al veroorzaker ze soms zichtbare overlast. Een mol eet wel 50 tot 100 % van lichaamsgewicht per dag. Dit zijn ca. 20-60 engerlingen en 100-300 emelten plus regenwormen per dag.
Algemene kennis over de mol in gras sportveld
De mol heeft als Latijnse naam Talpa europaea en behoort tot de zoogdieren. Het dier leeft voornamelijk onder de grond en staat bekend om zijn uitgebreide gangenstelsel. De naam “mol” is waarschijnlijk afgeleid van het Oudgermaanse woord mul, wat “graver” betekent. Mollen hebben een fluweelzachte vacht die in alle richtingen kan liggen, wat handig is in smalle gangen. Ze voeden zich vooral met regenwormen, insecten en larven. De mol is een solitaire leefwijze en komt alleen bij elkaar tijdens de paartijd. De voortplanting vindt meestal plaats in het vroege voorjaar, rond maart en april. Na een draagtijd van ongeveer vier weken worden er gemiddeld drie tot vijf jongen geboren. De jongen blijven enkele weken bij de moeder in het nest onder de grond. Na ongeveer zes weken verlaten jonge mollen het nest en gaan zij hun eigen leefgebied zoeken.
Mollen worden vaak als lastig gezien, maar ze zijn nuttige dieren voor de natuur en de bodem. Dit zijn de belangrijkste redenen:
Verbeteren de bodem
- Door hun gangen verluchten mollen de grond, wat goed is voor wortelgroei.
- Ze zorgen voor betere waterafvoer in de bodem.
Bestrijden plagen
- Mollen eten vooral insectenlarven, zoals engerlingen en emelten, die schade kunnen veroorzaken aan gras en gewassen.
- Ze helpen zo het aantal schadelijke bodeminsecten natuurlijk te beperken.
Mollen bevorderen bodemleven
- Hun graafwerk mengt verschillende bodemlagen, wat de bodemstructuur verbetert.
- Dit stimuleert een actief en gezond bodemleven.
Mollen zijn onderdeel van het ecosysteem
- Mollen zijn een belangrijke schakel in de voedselketen.
- Hun verlaten gangen worden gebruikt door andere dieren, zoals muizen en insecten.
Nadelen van mol of mollen !
- De molshopen kunnen storend zijn in tuinen, gazons of sportvelden.
- Ze eten geen planten, maar hun gangen kunnen wel wortels losmaken.
Mollen hebben hun zintuigen heel anders ontwikkeld dan wij. Ze zien slecht, maar compenseren dat met andere, zeer sterke zintuigen:
| Zintuig | Ontwikkeling |
|---|---|
| Reuk | ⭐⭐⭐⭐⭐ |
| Gehoor | ⭐⭐⭐⭐ |
| Trillingen | ⭐⭐⭐⭐⭐ |
| Zicht | ⭐ |
Mol en reuk: zeer goed
- Mollen hebben een uitstekend reukvermogen.
- Ze gebruiken hun neus om prooien (zoals regenwormen) op te sporen.
- De snuit is extreem gevoelig en helpt ook bij het herkennen van hun leefgebied.
Mol en gehoor: goed, vooral voor lage tonen
- Mollen hebben geen zichtbare oren, maar wel goed werkende gehoororganen.
- Ze horen vooral lage frequenties, zoals bewegingen in de grond.
- Geluid plant zich ondergronds vooral voort als trilling.
Mol en trillingen voelen: uitzonderlijk goed
- Dit is misschien wel hun belangrijkste zintuig.
- Mollen voelen trillingen in de bodem via hun poten en snuit.
- Zo merken ze regenwormen, insecten én naderende vijanden op.
Mol en zicht: zeer slecht
- Hun ogen zijn klein en vaak bedekt met huid of vacht.
- Ze kunnen waarschijnlijk alleen licht en donker onderscheiden.
Mollen graven meestal niet extreem diep, maar ze kunnen het wel als het nodig is.
Hoe diep graag een mol precies?
- Gewone jachtgangen: ongeveer 5 tot 20 cm onder het maaiveld. Dit zijn de gangen die molshopen veroorzaken en waar ze voedsel zoeken.
- Vaste hoofdgangen / nestgangen: meestal 30 tot 60 cm diep. Deze gebruiken mollen langdurig om zich te verplaatsen.
- Nesten: vaak 40 tot 100 cm diep. Het nest ligt veilig, droog en vorstvrij.
- Uitzonderlijk diep: in losse of droge grond soms tot 1,5 meter. Dit gebeurt bij extreme droogte, kou of verstoring.

Waarom graaft een mol niet dieper?
- Regenwormen en larven zitten vooral in de bovenste bodemlaag.
- Ondiep graven kost minder energie.
- Graswortels (zoals op sportvelden) zitten juist in die zone.
Mol of mollen in natuurgras sportvelden
Op sportvelden werken mollen vooral: vlak onder de graszode (wortelzone), langs drainagebuizen (die zijn makkelijk te volgen). In winter en voorjaar het actiefst.
| Soort gang | Diepte |
|---|---|
| Jachtgang | 5–20 cm |
| Hoofdgang | 30–60 cm |
| Nest | 40–100 cm |
| Maximaal (zeldzaam) | tot ±1,5 m |
Wat zegt de Nederlandse wet over mol vangen?
Flora- en faunawet / Wet natuurbescherming
De mol (Talpa europaea) is een inheemse diersoort en valt onder de Wet natuurbescherming. Dit betekent dat mollen beschermd zijn en niet zomaar mogen worden gevangen of gedood. Alleen bij aantoonbare schade of risico’s voor veiligheid kan een ontheffing worden verleend.
Provincies
De provincie is bevoegd gezag voor:
- Het verlenen van ontheffingen
- Het vaststellen van voorwaarden
- Toezicht op naleving
Aanvragen lopen meestal via de provincie waarin het sportveld of terrein ligt.
Omgevingsdienst
De Omgevingsdienst ondersteunt de provincie en gemeente bij:
- Handhaving van de Wet natuurbescherming
- Controle op illegale bestrijdingsmiddelen
- Advisering bij klachten of meldingen
Dierenwelzijn geldt altijd bij mollen bestriiding
In Nederland mag je wild levende dieren niet onnodig laten lijden. Dit staat in de algemene dierenwelzijnregels: je moet zorgen dat dieren zo min mogelijk pijn of angst hebben en niet langer dan nodig lijden.
Dierenmishandeling — zoals het opzettelijk pijn doen of verwaarlozen van een dier — is strafbaar onder de Wet dieren.
Mollen klemmen en vallen volgens specifieke regels
Er is een aparte regeling over middelen en methoden om dieren te vangen of doden (Besluit beheer en schadebestrijding dieren):
- Klemmen zijn toegestaan om mollen te vangen of dood te maken, maar alleen als ze speciaal voor mollen bedoeld zijn;
- Dat betekent dus: gewone of brede klemmen die niet specifiek voor mollen ontworpen zijn, zijn niet toegestaan;
- Andere middelen zoals lijmvallen, strikken of vangkooien zijn niet toegestaan zonder speciale vergunning, behalve waar expliciet anders staat;
- Let op: ook al zijn klemmen voor mollen juridisch toegestaan onder de regeling, ze moeten veilig en verantwoord worden gebruikt.
Hoe kijken dierenwelzijnsregels daar tegenaan?
Zelfs als een klem juridisch mag:
- Je moet voorkomen dat het dier onnodig lijdt.
- Er zijn Europese standaarden die benadrukken dat valmethoden zoveel mogelijk humaan moeten zijn (dus snel en zonder langdurig letsel).
- De Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) houdt toezicht op naleving van dierenwelzijnsregels en kan ingrijpen als een methode onnodig pijn veroorzaakt.
Praktisch advies
✔️ Het mag (volgens de schadebestrijdingsregeling) klemmen te gebruiken die speciaal voor mollen zijn ontworpen.
❗ Maar je moet je houden aan algemene dierenwelzijnsregels (dus niet laten lijden, humane methoden gebruiken).
📌 Bovendien: op publiek terrein of sportvelden moet je méér toestemming vragen (van eigenaar of beheerder), anders kun je aansprakelijk zijn voor schade of risico’s.
Maar er gelden regels over hoe je dieren vangt en doodt.
- Je mag geen methoden gebruiken die onnodig lijden veroorzaken of niet voldoen aan dierenwelzijnsnormen.
- Voor veel val- en bestrijdingsmiddelen bestaan wettelijke eisen, vooral voor hulpmiddelen die vee of andere dieren kunnen treffen.
Waar moet je wél op letten bij het vangen van mol
🔹 Dierenwelzijn: Je mag een dier niet onnodig laten lijden. Klemmen die de mol langzaam verwonden kunnen onder die regels vallen. Er bestaan strengere Europese richtlijnen voor vallen en proeven met dieren.
🔹 Veiligheid: Mollenklemmen kunnen gevaarlijk zijn voor andere dieren, kinderen of huisdieren als ze onveilig geplaatst worden.
🔹 Openbare terreinen: Gebruik van vallen op openbaar terrein (park, sportveld, gemeentegrond) is meestal niet toegestaan zonder toestemming van de eigenaar/beheerder.
Minder dodelijke alternatieven
Als je last hebt van mollen maar je wilt:
- Geen dieren doden → er bestaan humane vallen waarin je mollen levend vangt en elders vrijlaat.
- Ze wegjagen → kun je ook trillings- of geurmethoden proberen die ze laten vertrekken.
Mol in gras sportveld, eerst: schade beperken (korte termijn)
Tijdens het seizoen staat veiligheid voorop.
- Mollenhopen direct verwijderen
- Hopen uitspreiden en aanrollen, niet afvoeren (zand hoort bij de bodem).
- Gebruik bij voorkeur een lichte wals om structuur niet te beschadigen.
- Speelveld inspecteren (beeldschouw)
- Extra letten op kuilen onder het maaiveld → risico op enkelblessures.
- Tijdelijk veld ontzien bij ernstige ondermijning.
Begrijpen waarom mollen er zitten
Mollen komen niet voor het gras, maar voor voedsel:
- Regenwormen
- Emelten
- Engerlingen
Veel mollen = vaak ook bodemprobleem of plaaginsecten.
Preventieve maatregelen (structureel)
Bodem & beheer
- Verbeter drainage Natte bodems trekken mollen aan.
- Voorkom verdichting Regelmatig beluchten (holpennen / vertidrainen).
- Evenwichtige bemesting Overbemesting → meer wormen → meer mollen.
Ongedierte onder controle houden
- Monitor op emelten en engerlingen.
- Indien nodig:
- Biologische bestrijding (aaltjes)
- Past binnen geïntegreerd gewasbeheer (IPM).
Verjagen (beperkt effect, wel toegestaan)
Effect wisselt, maar kan lokaal helpen:
- Trillingen (bijv. molverjagers op zonne-energie)
- Geurstoffen (knoflookextracten, carbid – let op veiligheid!)
- Regelmatig betreden en bespelenIntensief gebruik maakt een veld minder aantrekkelijk.
Verwachting: vaak tijdelijk effect.
Bestrijden? Let op wetgeving
- Mollen zijn beschermd onder de Wet natuurbescherming.
- Doden of vangen mag alleen met ontheffing (bij ernstige schade / veiligheid).
- In de praktijk:
- Gemeenten of verenigingen schakelen soms een gecertificeerde faunabeheerder in.
- Altijd documenteren: schade, risico’s, meldingen.
Praktisch beheeradvies voor sportvelden
Combineer:
- Goede bodemstructuur
- Plaaginsectenbeheer
- Snelle herstelmaatregelen
- Duidelijke beeldkwaliteitseisen (bijv. “geen zichtbare mollenhopen”)
➡️ Zo blijft het veld veilig én bespeelbaar, zonder juridische risico’s.
Milieuvriendelijke mollen bestrijden in gras sportveld
Milieuvriendelijk mollen bestrijden betekent: niet doden, geen gif, wél het leefgebied minder aantrekkelijk maken en schade beperken. Hieronder de effectiefste én wettelijk toegestane opties, praktisch toepasbaar (ook op sportvelden).
Mollen verjagen (diervriendelijk) Dit is de kern van milieuvriendelijke aanpak.🌱 Trillingen en geluid en dodem minder aantrekkelijk maken. Mollen volgen voedsel. Beheer je bodem, dan beheer je de mol.
- Drainage verbeteren
- Natuurlijke vijanden benutten
Wat je beter níet doet
- Gif of rookpatronen
- Water of chemicaliën in gangen
- Carbid (gevaarlijk en milieubelastend)
Realistische verwachting
| Maatregel | Toegestaan (NL) | Effectiviteit | Termijn | Toelichting |
|---|---|---|---|---|
| Mollenhopen uitvlakken en aanrollen | Ja | ⭐⭐ | Kort | Veiligheid; geen structurele oplossing |
| Trillingsverjagers (zonne-energie) | Ja | ⭐⭐⭐⭐⭐ | Kort–middel | Wisselend effect |
| Geurmiddelen (natuurlijk) | Ja | ⭐⭐ | Kort | Tijdelijk, herhalen |
| Zitpalen / roofvogels aantrekken | Ja | ⭐⭐⭐ | Lang | Natuurlijke regulatie |
| Bodemverbetering & drainage | Ja | ⭐⭐⭐⭐ | Lang | Minder aantrekkelijk leefgebied |
| Biologisch plaagbeheer (emelten/engerlingen) | Ja | ⭐⭐⭐ | Middel | Indirect effect |
| Molwerend gaas rondom en in de grond | Ja | ⭐⭐⭐⭐⭐⭐ | Lang, maar ook niet 100 % werkend | Zeer effectief, in combinatie met gaas en poorten |
| Gaas langs hekwerk ondergronds doortrekken | Ja | ⭐⭐⭐⭐ | Lang | Voorkomt binnendringen via randen |
| Looppoorten ondergronds afsluiten | Ja | ⭐⭐⭐⭐ | Lang | Belangrijke zwakke plek |
| Rubberen flap / borstel onder poort | Ja | ⭐⭐⭐ | Lang | Flexibele afdichting |
| Water in mollengangen laten lopen | Ja | ⭐ | Zeer kort | Mol wijkt tijdelijk uit, keert vaak terug |
| Intensief gebruik / betreding | Ja | ⭐⭐ | Kort | Tijdelijke verstoring |
| Vangen met klem (ontheffing vereist) | zie flora en faunawet. Wet natuurbescherming, ontheffing nodig | ⭐⭐⭐⭐ | Kort | Snel effect |
| Vergiftigen | Nee verboden | — | — |
Vragen en antwoorden mollen bestrijden gras sportveld
Vraag: Wat zegt de KNVB over mollen bestrijden in gras sportveld.
Antwoord: Zie KNVB brochure brochure-ziekten-plagen-en-ongewenste-gewassen Hoofdstuk 4.6. Oorzaken: De mol komt overal voor waar de grond geschikt is om in te
graven (dus niet te zandig of te stenig) en waar zich voldoende
regenwormen in bevinden (dus niet te zuur).
Preventie en bestrijding: Preventieve maatregelen tegen mollen zijn niet of nauwelijks
te nemen. Het ingraven van zogenaamd mollengaas tot 1,20 m
beneden het maaiveld is veelal niet afdoende. Mollen kunnen
met behulp van klemmen en/of schop worden gevangen. Er zijn
verschillende soorten klemmen in de handel. De klemmen kunnen
het best worden geplaatst in de hoofdgangen.
Vraag: Hoeveel eet een mol per dag.
Antwoord: Een mol eet ongeveer 50 tot 100% van zijn eigen lichaamsgewicht per dag. Een Europese mol weegt meestal 70–120 gram. Hij eet dus ongeveer 40 tot 100 gram voedsel per dag
Dat bestaat vooral uit:
- Regenwormen (veruit het belangrijkste)
- Insectenlarven, Emelten Engerlingen
- andere bodemdieren
Omdat mollen een zeer snelle stofwisseling hebben, kunnen ze al na 8–12 uur zonder voedsel verhongeren. Daarom zijn ze bijna continu actief, dag en nacht.
Hoeveel emelten en engerlingen zijn dat per dag. Dat hangt af van de grootte van de larven, maar je kunt het redelijk inschatten.
Richtgetallen
Een mol eet per dag ± 50–100 gram voedsel.
Gemiddeld gewicht:
- Emelt (larve van langpootmug): ± 0,1–0,2 gram
- Engerling (larve van meikever/rozekever): ± 0,5–1 gram (kan groter zijn)
Omgerekend per dag
Als een mol vooral emelten eet:
- ± 250 tot 800 emelten per dag
Als een mol vooral engerlingen eet:
- ± 50 tot 150 engerlingen per dag
In de praktijk (gemengd dieet):
- Bijvoorbeeld 20–60 engerlingen
- Aangevuld met 100–300 emelten
- Plus regenwormen en andere bodemdieren
| Regenwormen | ⭐⭐⭐⭐⭐ Zeer vaak (±70–90%) | Hoofdvoedsel; mollen leggen zelfs wormenvoorraad aan |
| Insectenlarven (engerlingen, emelten) | ⭐⭐⭐⭐ Vaak | Belangrijke aanvulling, vooral in grasland |
| Kevers (volwassen) | ⭐⭐⭐ Regelmatig | Worden meegepakt tijdens het graven |
| Duizendpoten | ⭐⭐⭐ Regelmatig | Eiwitrijk, makkelijk te vangen |
| Slakken (klein) | ⭐⭐ Soms | Alleen kleine soorten |
| Spinnen | ⭐⭐ Soms | Bij toeval in gangen |
| Andere bodemdiertjes | ⭐⭐ Soms | Allerlei kleine ongewervelden |
| Jonge muizen / spitsmuizen | ⭐ Zelden | Alleen bij toeval, geen actieve jacht |
| Plantaardig materiaal | ❌ Bijna nooit | Niet bedoeld als voedsel |
Belangrijk om te weten
- Mollen hebben een duidelijke voorkeur voor regenwormen
- Emelten en engerlingen worden vooral gegeten als die lokaal veel voorkomen (bijv. in grasland of sportvelden)
